Veehouder op Marken

Welkom
Bedrijfsopzet
landkaart
omgeving
Rapport
uitnodiging! open dag

Laatste update:
17 april 2012

 

 

De informatie op deze site is verouderd maar is beschikbaar als informatie (klik hier om in een nieuw venster het laatste nieuws te lezen)

Kavelruilovereenkomst “De afronding op Marken” ondertekend.


Op vrijdag 23 november 2007 is door 11 partijen de kavelruilovereenkomst met de naam “De afronding op Marken” getekend.
De naamgeving geeft al aan dat ook eerder gronden zijn geruild. Tevens geeft de naam aan dat met deze kavelruil een proces van agrarische structuurverbetering wordt afgesloten. Dit kavelruilproces (met gecompliceerde pacht- en gebruikstructuur) is onderdeel van het project “Veehouder op Marken”, dat gericht is op verbetering van de beheersituatie op het voormalige eiland. Door het kavelruilproces krijgen de huidige veehouders op Marken hun gronden meer bij huis. Daarnaast komt een huiskavel van 45 ha vrij om een nieuw bedrijf op te vestigen.
De kavelruil heeft meer positieve gevolgen voor de agrarische structuur op het eiland. Door de kavelruil kunnen vier verpachtende organisaties hun gronden grotendeels aaneengesloten in gebruik uitgeven met als gevolg dat de zittende pachters minder over de openbare wegen van het eiland hoeven te rijden. Twee verpachtende kerkbesturen stoten een aantal losse kavels af aan zittende pachters en kunnen daardoor gronden elders verwerven, aaneengesloten met reeds bestaande kavels. BBL stoot gronden uit de ruilgrondbank af en verwerft diverse losse kavels, aansluitend aan eerder verworven gronden van de beheersgrondbank. De Gemeente Waterland concentreert door de ruil haar gronden langs het Oosterpad en verwerft een agrarische doorsteek van oost naar west langs de Grote Werf.
Deze agrarische doorsteek biedt perspectief voor eventueel toekomstige schaalvergroting van het nieuw te vestigen bedrijf.
Op deze manier draagt de kavelruil bij aan een duurzaam agrarisch beheer van Marken voor de nabije toekomst.

Stivas Noord-Holland doet namens de betrokken partijen een subsidieaanvraag bij de Provincie Noord-Holland in het kader van het Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG). Bij toekenning van deze subsidie hebben de betrokken partijen in de kavelruil geen notaris- en kadasterkosten.

De kavelruil betreft een oppervlakte van ruim 24 ha en is onderdeel van het project ‘Veehouder op Marken’. Dit project is op initiatief van LTO Noord en de Gemeente Waterland gestart om een oplossing te creëren voor het huidige en toekomstige beheersprobleem op Marken.


Onderschrift 6607: Notarismedewerker Willem Vessies (Actus Notarissen) neemt de kavelruilovereenkomst door onder toeziend oog van de partijen.

Onderschrift 6615: Partijen tekenen de overeenkomst.

Onderschrift 6618: Sivas medewerker Wouter van Egteren bespreekt de kaarten waarop de ruil is weergegeven.


Nieuwe veehouder op Marken

Boeren naast het Paard van Marken

Binnenkort stopt de laatste melkveehouder op Marken ermee. Daardoor dreigt het open weidelandschap op het eiland drastisch van karakter te veranderen. Bovendien maakt de groeiende verruiging het gebied minder aantrekkelijk voor weidevogels. De realisering van een nieuw melkveebedrijf kan in deze situatie uitkomst bieden. Oftewel: breed georiënteerde, natuurgerichte, vakbekwame en slimme agrarische ondernemer gezocht, die een belangrijke impuls kan geven aan de continuïteit van het grondgebruik op het eiland.

Verruigend weiland
Het eiland Marken omvat zo’n 160 ha cultuurgrond. Een deel ervan is in gebruik bij één nog actief melkveebedrijf. De rest (het grootste deel) wordt zeer extensief gebruikt en is in handen van deeltijd- of hobby-boeren. Door het extensieve grondgebruik loopt het agrarische karakter van het open landschap gevaar. De te verwachten prijsdaling van melk en vlees en de ontkoppeling van landbouwsteun en productie zullen dit proces alleen maar versterken. Dat is slecht voor het landschap en voor de natuur, met name voor de weidevogels. Daarvan herbergt Marken er relatief veel. Nog in 2003 telde men op de helft van alle percelen 110 broedende grutto’s, 149 kieviten en 33 tureluurs.
In deze situatie zijn praktisch alle betrokkenen op Marken het erover eens dat een nieuw veebedrijf uitkomst kan bieden.

Continuïteit, weidevogels en lokale economie
De gemeente Waterland en de LTO-Noord, afdeling Groot-Waterland hebben het initiatief genomen om het open gebied te beschermen tegen allerlei ongewenste ontwikkelingen (waaronder woningbouw). Zij willen de continuïteit van het agrarisch karakter van Marken waarborgen en een groot deel van het eiland weer duurzaam laten beheren. De vestiging van een melkveebedrijf op Marken moet hierin een vitale rol gaan spelen - de grond is er, of komt binnen afzienbare tijd beschikbaar.
Het nieuwe bedrijf krijgt de beschikking over een gebied van ongeveer 50 ha, dat op den duur moet uitgroeien tot een omvang van 75 a 90 ha. Met verschillende grondeigenaren vindt overleg plaats om een zo groot mogelijke aaneengesloten huiskavel te creëren. Adequaat beheer moet zorgen voor behoud van de landbouw en van de weidevogelpopulatie. Een populatie die gebaat is bij beheerd land, niet bij ruigte en bosjes.
Niet in de laatste plaats betekent een goed draaiend agrarisch bedrijf een stimulans voor de lokale economie van het eiland.


Beheerstichting regelt ‘alles’
De nieuwe melkveehouder krijgt te maken met een beheerstichting waarin onder anderen de initiatiefnemers zitting hebben. De stichting plant, organiseert en financiert het hele project en geeft het bedrijf en de grond uit in erfpacht. Zij brengt 35 - 40 ha land in, de nieuwe veehouder koopt zelf de overige 10 - 15 ha. Voor deze 15 ha bestaat de mogelijkheid van particulier natuurbeheer. (Zie de regeling Particulier Natuurbeheer van het Min. LNV) De stichting subsidieert 75% van de investeringskosten, de erfpachtcanon voor de ondernemer wordt berekend over de resterende 25%. Vanuit de stichting worden stal, machineberging en voederopslag gerealiseerd (over de inrichting is overleg mogelijk). Verder beoordeelt de stichting of de agrarische ondernemer zijn diverse taken naar behoren verricht. Een en ander wordt bij de start van het bedrijf contractueel vastgelegd. Hetzelfde geldt voor de wijze waarop het bedrijf teruggaat naar de stichting wanneer de veehouder zijn activiteiten stopzet.
De constructie met de beheerstichting maakt de hele onderneming bedrijfseconomisch aantrekkelijk, omdat de nieuwe veehouder zelf een relatief kleine investering hoeft te doen.


Uitgangspunt vormt de realisatie van een melkveebedrijf met 50 ha land, 60 koeien en 480.000 liter melk. Maar gegadigden met andere (hogere) cijfers krijgen de uitnodiging hun plannen te presenteren. Voor de toekomst geldt de zogenaamde groeivariant: daarin groeit het bedrijf door naar 75 ha met 90 melkkoeien en bijbehorend jongvee. Het melkquotum stijgt mee naar 720.000 kg. De berekeningen en prognoses zijn te vinden in het rapport ‘Melkveehouderij op Marken, bedrijfseconomische doorrekeningen’.
Het bedrijfsplan (inclusief tekeningen) is net als bovengenoemd rapport te vinden op deze site. Het bevat ook meer praktische details zoals looplijnen, melkstal, plek voor het jongvee, etc.
De nieuwe veehouder zorgt zelf voor vee, melkquotum, machines, kortom: alles wat bedrijfsmatig niet nagelvast zit, plus de financiering en bouw van zijn woning. Omdat het land geen eigendom is, kan dat geen onderpand zijn voor financiering.
De (nu of binnen afzienbare tijd) beschikbare grond bevindt zich grotendeels aan de oostkant van het eiland, tot aan de vuurtoren. Woning en bedrijfsgebouwen staan praktisch in het hart van het eiland en ten zuiden van de sportvelden.

Extra inkomsten
Agrarisch natuurbeheer is noodzakelijk om de weidevogelpopulatie op het eiland optimale leefomstandigheden te geven. Medewerking aan natuurbeheer is een voorwaarde om op het eiland aan de slag te kunnen. Het levert bovendien een deel van de inkomsten op. Zo hanteert men als economisch uitgangspunt een vergoeding voor weidevogelbeheer (SAN-contracten, vast bedrag per hectare, variabel bedrag per nest) op basis van 2.5 nesten per ha. Daarnaast zijn er andere mogelijkheden.
De grote toeristische belangstelling voor het eiland hoeft niet alleen de gebruikelijke trekpleisters te betreffen. Wellicht kan de nieuwe veehouder met activiteiten komen die zonder bezwaar passen in het rijtje attracties dat Marken al te bieden heeft. Het ligt voor de hand dat deze activiteiten in het verlengde van de agrarische liggen, maar dat hoeft niet per se. In dit opzicht kijkt de stichting met belangstelling uit naar verse ideeën.

De planning
Tot nog toe is het nodige onderzoek gedaan: naar de eigendomsituatie en de verkaveling op het eiland, naar de perspectieven van de nieuwe melkveehouder. Maar er staat nog het een en ander te gebeuren. Zo moeten kandidaten de financiering zien te regelen voor hun aandeel in het bedrijf: woning, veestapel, melkquotum, machines.
In het najaar van 2006 moet duidelijk zijn of de beoogde opzet haalbaar is en de juiste kandidaat beschikbaar. Dan zal ook duidelijk zijn of de geplande verkaveling doorgang kan vinden - en daarmee het hele project.

Concreet:
mei 2006 Verzoek aan HHNK om aanpassing waterhuishouding
juli 2006 Aanvraag wijziging bestemmingsplan gemeente Waterland
september 2006 Keuze van nieuwe veehouder
september 2006 Beslissing over doorgang project op basis van beschikbaarheid grond, geld en geschikte kandidaat
november 2006 Subsidieaanvraag door beheerstichting ter financiering van de bouwopzet
april 2007 Vergunningen en financiering geregeld
2007 Aanpassing waterhuishouding
november 2007 of mei 2008 Start nieuwe melkveehouderij

Aan welke eisen moet de toekomstige veehouder voldoen?
De toekomstige veehouder moet ondernemer genoeg zijn om de financiering te regelen voor zijn nieuwe woning, veestapel, melkquotum (480.000 liter), machines, en eventueel de melkstal. Zonder het benodigde kapitaal voor deze investering hoeft geen enkele kandidaat zich bij de beheerstichting te melden.
Naast deze elementaire voorwaarde moet hij weten wat het is om zelfstandig een melkveebedrijf te leiden. Ervaring met veenweide(beheer) is een belangrijk pluspunt. Hij weet wat agrarisch natuurbeheer inhoudt en is bereid daar energie in te steken. Verder leeft en werkt hij niet alleen seizoengebonden, maar heeft hij een duidelijke visie op structurele vernieuwing van het platteland en zijn mogelijke inbreng daarin. Niet in de laatste plaats respecteert hij de zondagsrust op het gastvrije eiland.


Secretaris J. Oskam, Noordmeer 1, 1151CW Broek in Waterland 0619322102.

In september van dit jaar beslist men over de doorgang van het project op basis van de beschikbaarheid van grond, geld en een geschikte kandidaat.